8 tips om te voorkomen dat een kind flipt met kerst

De decembermaand is voor veel kinderen een onrustige en stressvolle tijd. De spanning neemt soms grootse vormen aan, waardoor het niet alleen maar leuk is. Kinderen die intens denken, voelen en doen kunnen behoorlijk van slag raken van alle feestdagen en drukte daar omheen. Spanningen horen soms bij het leven. Het is dus belangrijk dat kinderen leren hiermee om te gaan.

Deze 8 tips helpen jou en je kinderen met plezier de decembermaand door.
1. Het is begrijpelijk dat een kind overprikkeld raakt van alle drukte en dat dit hem boos of verdrietig maakt. Zorg ervoor dat het kind zich gehoord en begrepen voelt en leer het dat zijn gevoelens er mogen zijn. Een kind leert zijn eigen emoties te accepteren als het merkt dat die emotie er van de leerkracht en van ouders mag zijn. Zeg bijvoorbeeld: ‘Zo! Jij bent hartstikke boos!
2. Ook al vind je de reactie van het kind wat overdreven, probeer te laten zien dat je hem of haar begrijpt. Ga niet tegen hem in en ga niet in discussie over wat er is gebeurd: ‘Vervelend hè, je had liever nog langer doorgegaan met dat spelletje.
3. Help het kind bij het verwoorden van zijn emoties. ‘Volgens mij ben je hartstikke teleurgesteld.’ Zo geef je woorden aan de gevoelens van het kind. Het voelt zich begrepen en begrijpt zichzelf daardoor beter.
4. Bespreek met het kind wat hem het meeste helpt als hij erg boos of verdrietig is. Wil hij een rustig plekje zoeken? Wil hij even aandacht van jou? Of heeft hij nog iets anders nodig? Doe dit op een rustig moment.
5. Bespreek met het kind hoe het spanning en boosheid in een vroeg stadium kan herkennen. ‘Wat merk jij aan je lijf als je boos of verdrietig bent? Waar voel je dat in je lijf?’  Zo leert het kind de signalen te herkennen. Benoem het als je ziet dat het kind spanning opbouwt: ‘Ik zie dat het veel voor je is allemaal. Wat kun je doen om je rustiger te voelen?’ Eventueel kun je dit ook achteraf bespreken als het kind het op dat moment niet prettig vindt.
6. Leg het kind uit hoe gebeurtenissen zich opstapelen en hoe het boze of gestresste gevoel zich dan opbouwt. Dit kan bijvoorbeeld met behulp van een tekening van een thermometer. Schrijf naast de thermometer gebeurtenissen die onprettig zijn voor het kind en die ervoor zorgen dat de ‘temperatuur’ toeneemt.
7. Maak samen met het kind een stappenplan wat hij kan doen als hij boos of verdrietig is. Gebruik hierbij grappige plaatjes. Bedenk samen met het kind een plekje waar je het stappenplan ophangt of bewaart.
8. Laat geregeld zien hoe jij je voelt en bespreek wat je zelf doet als je boos bent om weer rustig te worden. Hoe ga jij om met irritatie, verdriet en woede? Welk voorbeeld geeft je? Accepteer je je eigen emoties? Het kind leert het meest van hoe jij als leerkracht of ouder omgaat met je gevoelens.

Wij wensen je fijne, gezellige en bovenal, ontspannen feestdagen!

Deel je ervaringen en lees die van anderen!

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *