Impressie van de verrijkingsklas van Ireen

We hadden een les over het belang van aandacht, nauwkeurigheid en waarnemen. Dé cognitieve functies waar alles mee begint. Leren van ‘fouten’ was hieraan gekoppeld tijdens de doe-opdracht. Daarom begonnen de kinderen met de vraag: Hoe leer ik? Hoe kom ik tot leren? Welke denkstappen neem ik wanneer ik iets moet doen of leren wat ik niet zo leuk vind en uiteindelijk fluitend doe. Hoe gaat mijn leertrap?

De volgende les ging over: uit je patronen durven gaan. Alles wat vaststaat in je hoofd losschudden en van verschillende kanten bekijken.

Fragment
Bedenk een situatie waarin je iets moet doen wat je nog nooit hebt gedaan en je doet het uiteindelijk wel én met succes. Teken je eigen leertrap. Wat is vaak je eerste, tweede, derde stap en welke gedachten en beelden horen daarbij? Val je er wel eens van af, stap je ook wel eens terug, spring je soms ‘hup’ omhoog? De kinderen gingen heerlijk aan de slag. Ieder vertelde in de pauze z’n eigen ‘leertrap’. We merkten op dat bij ‘ik wil’ de stappen op de trap of in de wolken een stuk sneller gingen!

Het verhaal van ‘Kagoe’, uit ‘De geluksvogels’ werd voorgelezen. Kagoe’s eten insecten door heel goed hun omgeving te bestuderen. Dit moest Kagoe nog leren. Zo ook de kinderen in de verrijkingsklas. De kinderen moesten driemaal hun eigen schoen tekenen: eerst op geheugen, vervolgens met de schoen voor hun neus en uiteindelijk weer op geheugen, nu met de nieuwe kennis omdat ze elk detail van hun schoen hadden bestudeerd en hem nu goed ‘kenden’. Dit was hard werken, slikken, doorzetten, bijna opgeven, de leertrap erbij pakken… en vooral leren door ‘fouten’. Uiteindelijk leek de derde tekening bij iedereen zoveel meer op hun eigen schoen en dat was zonder ‘de missers’ niet gebeurd. Eind goed al goed.

Het verhaal van Kea, uit de geluksvogels, zat in de planning om voorgelezen te worden. Dit patroon werd meteen doorbroken. We begonnen met associëren op een woord. Hier kun je mee spelen. Je kunt zo ver mogelijk weg associëren en ook proberen weer terug te komen. De kinderen kwamen helemaal los op: ‘verzin zoveel mogelijk vragen waarop het antwoord vijf is’. Er kwamen steeds meer restricties op de vragen. De kinderen lieten zich niet uit het veld slaan en de vragen gingen maar door. Telkens bedacht iemand uit onverwachte hoek een vraag waar vijf het antwoord op was.

Hierna gingen de kinderen aan de slag met voorwerpen uit de (mijn) keuken. Eerst benoemden ze functies van de gereedschappen en vervolgens was het de bedoeling deze functies over boord te gooien en compleet nieuwe functies te verzinnen. Ze mochten van meerdere voorwerpen een nieuw ‘gereedschap’ maken, compleet met naam en presentatie. De niesketting, de zakhouder, de sateliet-zonnevanger, de junior-3000-kraalmachine, de alien-kok, de meteoriet-lanceerder en het boevenvangvogeltje zijn een paar nieuwe uitvindingen die de kinderen vol enthousiasme bedacht hebben.

Ik heb weer genoten van de verrijkingslessen op dinsdag.

Ireen van der Endt

Tips
Wat zijn de leertrap-stappen van je ouders, je klasgenoten, je juf, je meester, je opa en oma? Bij welke trede beginnen zij wanneer ze iets doen wat ze moeilijk en minder leuk vinden? En bij welke trede beginnen ze als ze beginnen met iets waar ze goed in zijn en zin in hebben?
Bedenk met de klas of thuis een antwoord (dat kan alles zijn) en probeer zoveel mogelijk vragen te bedenken vanuit zoveel mogelijk invalshoeken.

Deel je ervaringen en lees die van anderen!

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *