Tips over hoogbegaafd & hoogsensitief

Regelmatig krijg ik in ons expertisecentrum vragen over hoogbegaafde kinderen die ‘overdreven’ reageren en of dit samenhangt met hoogbegaafdheid of dat ze hoogsensitief zijn. Wat er meestal speelt is te omschrijven als zeer intens zijn. Het is een bepaalde sensitiviteit en neiging naar emotionele extremiteit, ook wel overexcitabilities genoemd. Hieronder staan tips en adviezen voor ouders, leraren en hulpverleners.

Ouders
Hoogbegaafde kinderen hebben vaak een grote emotionele intensiteit en een overweldigende hoeveelheid energie. Dat kan voor ouders soms heel moeilijk zijn. Omdat deze kinderen vaak veel intenser en sensitiever zijn, kunnen ze ook makkelijker in extreme gemoedstoestanden schieten: van extreem gelukkig tot vol van wanhoop. Dit stuit in de buitenwereld vaak op onbegrip. Het van opwinding niet stil kunnen zitten kan gezien worden als ADHD, het eindeloze doorvragen als zeuren of als ondermijning van autoriteit. Hun grote verbeeldingskracht kan worden gezien als gebrek aan realiteitszin en het volgen van hun passie als obsessief gedrag of als kenmerk van een autismespectrumstoornis. Door hun sterke emoties worden ze soms als kinderachtig bestempeld en niet zelden denkt men daarom dat een jaartje extra kleuteren misschien wel goed is. Ook worden deze kinderen door hun creatieve eigenzinnigheid vaak als tegendraads ervaren.

Als een hoogbegaafd kind probeert om binnen de geijkte normen te passen, en de meesten doen dat in meer of mindere mate, is de kans groot dat het een belangrijk en bepalend deel van zichzelf ontkent. Hoewel het voor ouders lastig kan zijn om om te gaan met de grote intensiteit van een hoogbegaafd kind, is het belangrijk om ‘het zelf’, de eigenheid van het kind, te ondersteunen in de ontwikkeling. Het kind moet niet gedwongen worden zichzelf altijd in te houden, maar moet wel leren om de uiting van zijn gevoelens aan te passen aan de omstandigheden en te leren welk effect hun gedrag op anderen kan hebben. Een deel van de hoogbegaafden, zowel kinderen, jongeren als volwassenen, heeft moeite om vriendschappen aan te gaan doordat er over en weer andere verwachtingen zijn of omdat ze raar gevonden worden. Geruststellend voor hoogbegaafden is dat onderzoek heeft uitgewezen dat hechte vriendschappen veelal pas op latere leeftijd ontstaan (na het 18e jaar) en dat dit er gemiddeld maar één tot drie zijn.

Leerkrachten
Hoogbegaafde leerlingen zijn vaak zeer sensitief en reageren snel op prikkels. Hun hoge sensitiviteit en het gedrag dat hieruit voortkomt kan de gaven van een hoogbegaafde leerling overschaduwen en bovendien kan op basis van hun gedrag snel de verkeerde conclusie worden getrokken. Het is belangrijk dit gedrag te herkennen als een facet van hun hoogbegaafdheid, zodat geen verkeerde diagnoses gesteld worden. Bovendien kan er dan wellicht ook rekening mee worden gehouden in de klas. Daarom geef ik hier voorbeelden hoe de hoge gevoeligheid van hoogbegaafden zich in de klas kan manifesteren met daarbij adviezen hoe hiermee om te gaan:

• Veel en gedetailleerde vragen stellen. Een oplossing kan zijn de leerling tien minuten computertijd te geven om alle vragen zelf beantwoord te krijgen door de antwoorden op internet op te zoeken.
• De leerling is ‘afwezig’ en ‘leeft in een fictieve wereld’. Dergelijke kinderen hebben een langer durende, creatieve uiting nodig om dit vorm te geven. Geef zo’n leerling een creatief, open-einde project, waarbij je het kind kan uitnodigen na te denken over de vraag wat het ermee wil doen als het project af is.
• Zenuwachtig gedrag of niet stil kunnen zitten, waardoor het kind irritante geluiden maakt. Zorg dat de leerling zijn energie even kwijt kan, even kan rondlopen of objecten kan construeren.
• Enorme boosheid door kleine voorvallen. Bied een luisterend oor, luister onbevooroordeeld en bied de leerling een kans om het voorval uit te leggen. Spreek een afkoelmoment af en bespreek later met de leerling de mogelijkheden om met dergelijke sterke emoties om te gaan voordat ze hem of haar overvallen.
• Overreageren op geluid of geuren in de klas, geïrriteerd raken door kleding. Probeer als leraar de oorzaak van het probleem aan te pakken: vind uit wat de leerling precies irriteert en vermijd dergelijke geluiden, geuren of materialen om het probleem te voorkomen. Daarnaast kun je samen met de leerling nagaan hoe hij of zij met dergelijke overreacties om kan gaan.

Hulpverleners
Het is goed om in een begeleidingstraject rekening te houden met de typische eigenschappen van hoogbegaafden. Hun intensiteit komt goed naar voren in de definitie van het Delphimodel: “Een hoogbegaafde is een snelle, slimme denker die complexe zaken aankan. Een sensitief en emotioneel mens, intens levend. Autonoom, nieuwsgierig en gedreven van aard. Hij of zij schept plezier in creëren.” De ‘overgevoeligheid’ of ‘overprikkelbaarheid’ van hoogbegaafden wordt in het Engels gevat onder de term ‘overexcitability’. Dit begrip is van groot belang om hoogbegaafde volwassenen en kinderen te begrijpen, te begeleiden en goed te kunnen diagnosticeren.

Hoogbegaafden kunnen het idee hebben anders te zijn, zich anders te voelen en anders behandeld te worden. Hun snelle denken en analyserende vaardigheden worden door anderen nogal eens als bedreigend ervaren. Veel hoogbegaafden hebben zichzelf daarom aangeleerd zich altijd aan te passen, niet spontaan te reageren, maar van jongs af aan altijd hun gedachten te ‘vertalen’ voor de toehoorder die op een ander intellectueel niveau functioneert. Dit kan betekenen dat ze het contact met zichzelf zijn kwijt geraakt. Houd er in de begeleiding rekening mee dat het reflectievermogen van hoogbegaafden enorm groot is. Zij zullen (veel) eerder dan de gemiddelde cliënt nieuw verworven inzichten toepassen. Het is belangrijk om daarop voorbereid te zijn. Ook heel jonge kinderen met een ontwikkelingsvoorsprong zijn al in staat om op zichzelf en hun gedrag te reflecteren en daar consequenties aan te verbinden.

Amstelveen, 9 mei 2017

door Marianne van Gelder, deDNKRS – expertisecentrum hoogbegaafdheid
Lees meer in het boek: hoogbeGAAFd LEVEN!
Bronnen

Bird, I, 2012: Five unexpected traits of gifted students. http://www.byrdseed.com. 3 oktober 2015.

Daniels, S., Piechowski, M. M., 2009: Living with Intensity. Understanding the Sensitivity, Excitability and Emotional Development of Gifted Children, Adolescents and Adults. Great Potential Press.

Kooijman-van Thiel, M.B.G.M.: Delphi-model hoogbegaafdheid.

Mendaglio, S., 2008: Dabrowski’s Theory of Positive Desintegration, Great Potential Press, Scottsdale.

Share on FacebookTweet about this on TwitterShare on LinkedInShare on Google+Email this to someone

Deel je ervaringen en lees die van anderen!

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *